Erfrecht. Beoordeling van de wilsbekwaamheid bij het opmaken van een testament door de notaris. Vrije en onafhankelijke wilsvorming. Stappenplan beoordeling wilsbekwaamheid.
Het Gerechtshof Amsterdam heeft onlangs uitspraak gedaan over het beoordelen van de wilsbekwaamheid bij het opmaken van een testament door de notaris.
Klaagster stelt dat er meerdere indicatoren aanwezig waren op grond waarvan de notaris het Stappenplan beoordeling wilsbekwaamheid (hierna: het Stappenplan) had moeten volgen.
Erflater was op hoge leeftijd en het initiatief voor het opmaken van zijn testament kwam van zijn echtgenote.
De inhoud van het testament was, gegeven de onterving van zijn kinderen, ongebruikelijk.
Klaagster gaat ervan uit dat in het voorlaatste testament zij en haar broer niet waren onterfd zodat het laatste testament ingrijpend afweek.
De (enkele) verklaring van de notaris dat zij niet heeft getwijfeld aan de wilsbekwaamheid van erflater is onvoldoende om op basis daarvan gerechtvaardigd te kunnen stellen dat nader onderzoek niet geboden was.
De aanwezigheid van de voornoemde indicatoren had volgens klaagster voor de notaris aanleiding moeten zijn om een nader onderzoek naar de wilsbekwaamheid van erflater in te stellen.
De notaris heeft dit nagelaten.
Van een zorgvuldige toetsing van de wilsbekwaamheid van erflater is geen sprake geweest.
De notaris brengt naar voren – zo blijkt ook uit haar dossieraantekeningen en uit het overleg dat zij naar aanleiding van deze klacht met haar (voormalige) kandidaat-notaris heeft gevoerd – dat zij destijds geen enkele reden had om te twijfelen aan de wilsbekwaamheid van erflater.
Tijdens de vijf besprekingen die de notaris met erflater heeft gevoerd begreep erflater goed wat hem werd voorgehouden; hij stelde ook veel vragen.
Erflater was duidelijk, consequent en ondubbelzinnig in zijn wensen met betrekking tot de inhoud van zijn testament.
De notaris heeft daarnaast ook herhaaldelijk enkele testvragen gesteld.
Zo is gevraagd naar de leeftijd en de namen van de kinderen.
De antwoorden van erflater gaven geen aanleiding om te twijfelen aan de wilsbekwaamheid van erflater.
Ook vier jaar later, bij gelegenheid van de levering van zijn woonhuis bij een andere notaris, is er kennelijk geoordeeld dat erflater voldoende wilsbekwaam was.
Het Stappenplan hoefde daarom niet te worden gevolgd; slechts bij gerede twijfel is hiertoe aanleiding.
Klaagster heeft onvoldoende feiten en omstandigheden aangevoerd op grond waarvan de notaris nader onderzoek had moeten verrichten naar de wilsbekwaamheid van erflater.
Erfrecht. Beoordeling van de wilsbekwaamheid bij het opmaken van een testament door de notaris. Vrije en onafhankelijke wilsvorming. Stappenplan beoordeling wilsbekwaamheid.
De rechter oordeelt als volgt.
Het hof oordeelt als volgt. Klaagster heeft feiten naar voren gebracht, waaruit zij afleidt dat de notaris gerede twijfel aan de wilsbekwaamheid van erflater had moeten hebben.
Het hof is, net als de kamer, van oordeel dat de notaris in voldoende mate aannemelijk heeft gemaakt dat zij voldoende alert is geweest op de wilsbekwaamheid van erflater en dat zij geen aanleiding had om aan zijn wilsbekwaamheid te twijfelen.
Primair mag worden uitgegaan van de eigen waarneming van de notaris.
De notaris heeft op vijf verschillende momenten met erflater gesproken en tijdens deze gesprekken was hij volgens de notaris helder van geest, consistent in zijn wensen en kon hij de gevolgen van zijn keuzes overzien.
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die aanleiding geven om vraagtekens te plaatsen bij de juistheid van het relaas van de notaris omtrent deze gang van zaken en haar waarnemingen.
De door klaagster aangevoerde feiten en omstandigheden zijn, gelet op de eigen waarneming van de notaris in vijf gesprekken met erflater, van onvoldoende gewicht om tot een ander oordeel te komen.
Het hof is van oordeel dat voor de notaris onvoldoende reden bestond om te twijfelen aan de wilsbekwaamheid van erflater, zodat de notaris het Stappenplan niet hoefde te volgen.
Ook de keuze van de notaris om erflater niet op enig moment afzonderlijk te spreken heeft de notaris in voldoende mate kunnen verantwoorden, mede door de uitvoerige aandacht die de notaris aantoonbaar aan dit dossier heeft gegeven waarbij zij blijk heeft gegeven extra alert te zijn geweest op de kwestie van de vrije wilsvorming.
Het hof is, net als de kamer, van oordeel dat de klacht van klaagster ongegrond is.
Het hof zal de beslissing van de kamer daarom bevestigen.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat nietig testament over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de rechtsgeldigheid of uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme of over de wilsbekwaamheid van de erflater ten tijde van het opmaken van het testament, belt u dan gerust onze advocaat nietig testament op 020-3980150.
Wilt u meer weten over de rechtsgeldigheid van een testament of over de nietigheid of vernietigbaarheid van een testament, bezoek dan onze website over het testament. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over ons advocatenkantoor? Klik dan hier.