Erfrecht. Erflaatster heeft voor overlijden haar woning verkocht aan één van de kinderen. Geestelijke stoornis? Wilsonbekwaamheid? Is de verkoop nietig? Verjaring.
De Rechtbank Rotterdam heeft op 9 maart 2022 uitspraak gedaan over de vraag of de verkoop door erflaatster van de echtelijke woning nietig was op grond van wilsonbekwaamheid.
Op 7 april 2017 is overleden erflaatster.
Erflaatster was in gemeenschap van goederen gehuwd met de heer E (hierna: vader).
Uit dit huwelijk zijn vier kinderen geboren, namelijk persoon D, persoon B, persoon C en persoon A.
Erflaatster en vader waren gezamenlijk eigenaar van de woning gelegen (hierna: de villa).
Tevens waren zij gezamenlijk eigenaar van de woning gelegen te B.
Vader heeft ten behoeve van ieder kind een schuldbekentenis ondertekend waarin is vastgelegd dat hij per 1 januari 2010 € 5.000,- verschuldigd is aan ieder kind, met een verplichting om jaarlijks 4% rente te betalen.
Vader is op 12 april 2011 overleden.
Vader heeft bij testament van 14 februari 1975 over zijn nalatenschap beschikt.
Daarbij heeft hij erflaatster alsmede zijn vier kinderen (partijen) ieder voor een gelijk deel tot zijn erfgenamen benoemd.
De ouderlijke boedelverdeling (artikel 1167 oud-BW) is van toepassing, zodat alle tot de nalatenschap van vader behorende goederen per 12 april 2011 zijn toebedeeld aan moeder. Partijen hebben een niet-opeisbare vordering op erflaatster gekregen.
Erfrecht. Erflaatster heeft voor overlijden haar woning verkocht aan één van haar kinderen. Geestelijke stoornis? Wilsonbekwaamheid? Is de verkoop nietig? Verjaring.
De rechter oordeelt als volgt.
Artikel 3:34 BW
Persoon C en persoon D hebben zich voorts op het standpunt gesteld dat de koopovereenkomst vernietigbaar is op grond van artikel 3:34 lid 2 BW (geestelijke stoornis).
Volgens persoon C en persoon D was er op 18 december 2014 bij erflaatster een stoornis van de geestvermogens (dementie) en heeft deze stoornis op 18 december 2014 een redelijke waardering belet van de bij de koopovereenkomst betrokken belangen.
Persoon A en persoon B hebben echter gesteld dat deze rechtsvordering verjaard is.
De rechtbank is van oordeel dat persoon A en persoon B terecht het standpunt hebben ingenomen dat het beroep op artikel 3:34 lid 2 BW verjaard is en overweegt daartoe als volgt.
Op grond van artikel 3:52 lid 1 onder d BW verjaart een rechtsvordering tot vernietiging van aan rechtshandeling op grond van artikel 3:34 BW drie jaar nadat de bevoegdheid om deze vernietigingsgrond in te roepen, aan degenen wie deze bevoegdheid toekomt, ten dienste is komen te staan.
Erflaatster is overleden op 7 april 2017.
Eerst op 10 maart 2021 is door persoon C en persoon D een vordering ingesteld waarbij een beroep wordt gedaan op de vernietigbaarheid van de koopovereenkomst.
Dit is echter meer dan drie jaar nadat de bevoegdheid persoon C en persoon D ten dienste is komen te staan, zodat de rechtsvordering tot vernietiging is verjaard.
Persoon C en persoon D kunnen niet gevolgd worden in hun stelling dat sprake is van een verwerend beroep op verjaring, omdat zij degenen zijn die de rechtsvordering tot vernietigbaarheid hebben ingesteld.
Evenmin kunnen persoon C en persoon D gevolgd worden in hun stelling dat sprake is van een verlenging van de verjaringstermijn.
De rechtshandeling is immers niet verborgen gehouden voor erflaatster (artikel 3:321 lid 1 sub f BW) en is na haar overlijden ook aan persoon C en persoon D medegedeeld, zodat als er al sprake is geweest van verberging, deze verlengingsgrond is geëindigd kort na het overlijden van erflaatster.
Ook kunnen persoon C en persoon D geen beroep doen op de beneficiaire verlengingsgrond van artikel 3:321 lid 1 sub e BW, omdat die grond ziet op de situatie dat er een vordering is van de beneficiair aanvaarde nalatenschap op een erfgenaam, hetgeen hier niet het geval is.
Bovendien is deze grond geschreven voor de situatie dat iemand vertegenwoordigd wordt, hetgeen hier ook niet het geval is, omdat persoon C en persoon D zelf vereffenaars zijn.
Voorts is niet gesteld of gebleken dat de verjaring is gestuit.
Het is evenmin – vanwege het buitengerechtelijk onderhandelingstraject tussen persoon G en notaris D – in strijd met de redelijkheid en billijkheid om een beroep te doen op verjaring, omdat ook tijdens dit traject de verjaring gestuit had kunnen worden.
Persoon C en persoon D werden immers bijgestaan door professionals.
Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen is de conclusie dat de vordering ex artikel 3:34 BW is verjaard.
Artikel 3:40 BW
Persoon C en persoon D hebben een beroep gedaan op de nietigheid van artikel 3:40 BW, omdat volgens hen de verkoop van de villa in strijd is met de goede zeden en openbare orde door een geestelijke en/of fysiek zwakkere niet te beschermen.
Niet geoordeeld kan echter worden dat het verkopen van een woning onder behoud van vruchtgebruik en het doen van schenkingen een fundamentele normschending naar ongeschreven recht oplevert.
Een ouder mag een woning verkopen aan een van haar kinderen.
Zoals hiervoor reeds is opgemerkt was erflaatster vanwege de ouderlijke boedelverdeling ook bevoegd om de villa verkopen aan persoon A.
Dit betekent dat de rechtshandeling ook niet nietig is op grond van artikel 3:40 BW.
Artikel 3:44 BW
Persoon C en persoon D zijn voorts van mening dat de koopovereenkomst op grond van artikel 3:44 lid 1 en 4 BW (misbruik van omstandigheden) vernietigbaar is.
Zij hebben daaraan ten grondslag gelegd dat bij erflaatster al sinds 2011 sprake was van dementie en in 2014 de fysieke en geestelijke toestand van erflaatster sterk was verslechterd.
Persoon A en persoon B hebben echter een beroep op verjaring gedaan.
Dit beroep slaagt.
Op grond van artikel 3:52 lid 1 onder b BW verjaart een rechtsvordering tot vernietiging van een rechtshandeling op grond van misbruik van omstandigheden drie jaar nadat deze invloed heeft opgehouden te werken.
Persoon C en persoon D hebben meer dan drie jaar na het overlijden van erflaatster, namelijk op 10 maart 2021, deze vordering ingesteld, zodat die is verjaard.
Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen – dat hier ook van toepassing is en wordt overgenomen – kunnen persoon C en persoon D niet gevolgd worden in hun stelling dat sprake is van een verwerend beroep op verjaring, dat sprake is van een verlenging van de verjaringstermijn en evenmin in hun stelling dat het in strijd is met de redelijkheid en billijkheid om een beroep te doen op de verjaringstermijn.
Artikelen 3:34, 3:44 en 4:4 BW
Persoon C en persoon D hebben aan de vernietigbaarheid de artikelen 3:34 BW en 3:44 BW ten grondslag gelegd.
Hetgeen hiervoor is overwogen met betrekking tot de verjaring van de vernietiging van de koopovereenkomst geldt echter ook ten aanzien van het testament van erflaatster, zodat het beroep hierop is verjaard.
Evenmin kunnen persoon C en persoon D gevolgd worden in hun stelling dat het testament nietig is op grond van artikel 4:4 BW.
Artikel 4:43 BW
Volgens persoon C en persoon D is het testament vernietigbaar op grond van artikel 4:43 BW, omdat het testament is opgemaakt onder invloed van onjuiste beweegredenen.
Ook voor dit artikel geldt echter een verjaringstermijn van drie jaar (artikel 3:52 lid 1 sub d BW).
Persoon A en persoon B hebben daarop een beroep gedaan.
Binnen de termijn van drie jaar hebben persoon C en persoon D geen beroep gedaan op dit artikel.
Dit betekent dat het beroep op artikel 4:43 BW ook verjaard is.
Hetgeen hiervoor. over de verjaring is overwogen is hier ook van toepassing.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat nietig testament over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de rechtsgeldigheid of uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme of over de wilsbekwaamheid van de erflater ten tijde van het opmaken van het testament, belt u dan gerust onze advocaat nietig testament op 020-3980150.
Wilt u meer weten over de rechtsgeldigheid van een testament of over de nietigheid of vernietigbaarheid van een testament, bezoek dan onze website over het testament. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over ons advocatenkantoor? Klik dan hier.