Erfrecht. Klacht tegen notaris. Afwikkeling van nalatenschap. Onvoldoende voortvarend handelen. Verplichting tot verstrekken urenspecificatie. Wna. Gegevensbescherming. AVG.

Het Gerechtshof Amsterdam heeft onlangs uitspraak gedaan over de vraag of een notaris voldoende voortvarend de nalatenschap had afgewikkeld en of de notaris verplicht was tot het verstrekken van een urenspecificatie voor zijn werkzaamheden.

Klager heeft in 2019 aan de notaris opdracht gegeven om een verklaring van erfrecht op te maken in de nalatenschap van zijn neef.

De neef was bezwaard erfgenaam in de nalatenschap van zijn in 2003 vooroverleden moeder (tante van klager).

Bij de nalatenschappen van de tante en de neef zijn inmiddels meer dan 100 erfgenamen betrokken.

Klager verwijt de notaris dat hij zijn opdracht niet voortvarend heeft opgepakt en dat hij eerdere toezeggingen om aan klager een overzicht te geven van de erfgenamen niet is nagekomen.

Klager verwijt de notaris daarnaast dat hij bij herhaling om dezelfde stukken heeft gevraagd en dat hij bij zijn declaraties geen urenspecificaties heeft overgelegd.

Erfrecht. Klacht tegen notaris. Afwikkeling van nalatenschap. Onvoldoende voortvarend handelen. Verplichting tot verstrekken urenspecificatie. Wna. Gegevensbescherming. AVG.

De rechter oordeelt als volgt.

Klager heeft in juli 2019 het kantoor van de notaris opdracht gegeven om een verklaring van erfrecht in de nalatenschap van zijn neef te laten opmaken.

De behandelend kandidaat-notaris heeft klager destijds bericht dat gelet op de complexiteit van deze nalatenschap (onder meer als gevolg van de tweetrapsmaking in het testament van de tante van klager) dit ongeveer 1 tot 1,5 jaar zou duren.

Klager heeft in de tussentijd tal van gegevens aangeleverd van betrokken erfgenamen maar de verklaring van erfrecht is nog steeds niet opgemaakt.

Klager verwijt de notaris gebrek aan voortvarendheid.

De notaris voert als verweer dat niet alleen opdracht is gegeven om een verklaring van erfrecht in de nalatenschap van de neef op te maken, maar ook in de nalatenschap van tante.

Gebleken is dat het om complexe en tijdrovende werkzaamheden gaat.

Inmiddels zijn er meer dan 100 erfgenamen getraceerd; een deel van deze erfgenamen is in het buitenland woonachtig en een deel van de erfgenamen blijkt tussentijds te zijn overleden.

In de nalatenschap van de neef is geen executeur benoemd en een deel van zijn nalatenschap is beneficiair aanvaard.

Na het vertrek van de kandidaat-notaris, heeft de notaris in eerste instantie zelf het dossier ter hand genomen.

De notaris heeft vervolgens een medewerker aangetrokken om de belanghebbenden en erfgenamen verder te inventariseren en zo nodig een vervolgonderzoek te laten instellen in geval van (voor)overleden erfgenamen.

De notaris heeft gedurende dit traject klager meerdere keren gewezen op het feit dat de werkzaamheden zouden worden opgeschort indien de openstaande declaraties niet zouden worden voldaan.

Na toezeggingen van klager deze te zullen betalen heeft de notaris, na een aanvankelijke opschorting van de werkzaamheden, het dossier hervat.

In augustus 2021 heeft de notaris zijn werkzaamheden opnieuw opgeschort omdat één declaratie van maart 2021 en de declaratie van 28 juni 2021 onbetaald bleven.

Ter zitting in hoger beroep heeft de notaris aangegeven dat hij zijn werkzaamheden zal blijven opschorten totdat deze declaraties zijn voldaan.

De kamer heeft, kort samengevat, het volgende geoordeeld.

Los van de vraag of de notaris opdracht heeft gekregen om zowel in de nalatenschap van de neef als in die van tante een verklaring van erfrecht op te maken, is tussen partijen niet in geschil dat deze nalatenschappen nauw met elkaar zijn verweven.

In beide nalatenschappen zijn veel erfgenamen betrokken en de notaris heeft afdoende toegelicht en onderbouwd dat de hiermee gepaard gaande werkzaamheden complex en tijdrovend van aard zijn.

De kamer is van oordeel dat de notaris dit dossier voldoende voortvarend heeft opgepakt.

De notaris mocht zijn werkzaamheden per augustus 2021 in redelijkheid opschorten omdat klager, ondanks zijn toezegging deze te zullen voldoen, twee declaraties onbetaald heeft gelaten en ook geen voorschot heeft voldaan.

Het hof is het eens met het oordeel van de kamer hieromtrent en komt tot dezelfde slotsom dat de notaris aldus niet tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld.

Klager heeft in hoger beroep geen relevante feiten of omstandigheden aangevoerd die tot een ander oordeel op dit punt kunnen leiden.

Klager verwijt de notaris dat steeds gegevens van de erfgenamen bij hem, klager, worden opgevraagd, soms zelfs meerdere malen dezelfde gegevens.

De notaris voert aan dat het gebruikelijk is dat deze gegevens in eerste instantie bij de opdrachtgever worden opgevraagd.

De notaris kan dit niet worden verweten.

Daarnaast stelt de notaris dat de door klager aangeleverde informatie vaak niet volledig is en ook niet overeenstemt met de door de notaris zelf verkregen informatie, als gevolg waarvan de notaris dit op zijn beurt weer dient te verifiëren bij klager.

Het hof is met de kamer van oordeel dat ook dit klachtonderdeel geen doel treft.

Indien en voor zover de notaris meerdere malen dezelfde gegevens heeft opgevraagd dan is dit gelet op de door de notaris gegeven toelichting van onvoldoende gewicht voor een gegrond tuchtrechtelijk verwijt.

Klager verwijt de notaris, kort gezegd, dat de notaris ondanks vele toezeggingen aan hem nog steeds geen overzicht van alle erfgenamen heeft verstrekt.

Tijdens de bespreking van 8 maart 2021 heeft de notaris toegezegd het overzicht met alle gegevens van de erfgenamen aan klager te mailen.

Nadat klager de notaris een herinnering had gestuurd heeft klager een andere notaris, mr. D, benaderd voor het opmaken van een verklaring van erfrecht.

Op advies van mr. D heeft klager aan de notaris gevraagd om de benodigde gegevens aan mr. D te doen toekomen.

De notaris is akkoord gegaan met dit verzoek onder de voorwaarde dat de openstaande declaraties betaald zouden worden.

Op 15 juli 2021 bericht de notaris aan klager dat hij de toegezegde gegevens niet kan verstrekken in verband met de Algemene verordening gegevensbescherming (hierna: AVG).

De notaris brengt naar voren dat in verband met de AVG hij eerst toestemming dient te vragen aan de erfgenamen alvorens hij hun gegevens aan klager mag verstrekken.

Omdat klager een aantal declaraties onbetaald heeft gelaten heeft hij zijn werkzaamheden per augustus 2021 opgeschort.

De notaris heeft daarom de erfgenamen nog niet kunnen aanschrijven om de benodigde toestemming te verkrijgen.

De notaris is bereid het overzicht met alle gegevens van de erfgenamen te verstrekken zodra de openstaande declaraties zijn voldaan.

Zoals is overwogen heeft de kamer geoordeeld dat de notaris zijn werkzaamheden in redelijkheid mocht opschorten en opgeschort mag houden totdat klager de openstaande declaraties heeft voldaan.

Aan de beantwoording van de vraag of het in strijd is met de AVG om zonder toestemming van de betrokkenen een overzicht met hun gegevens aan klager te verstrekken is de kamer daarom niet toegekomen.

Het hof onderschrijft het oordeel van de kamer over dit klachtonderdeel.

Klager verwijt de notaris dat bij de in maart 2021 verzonden twee declaraties (gedateerd 11 maart en 18 maart 2021) een urenregistratie ontbreekt.

De notaris voert aan dat er sprake is van een declaratiegeschil. Klager heeft dit geschil aanhangig gemaakt bij de Geschillencommissie Notariaat.

Klager is, aldus de notaris, daarom niet-ontvankelijk in dit onderdeel van de klacht.

Het hof overweegt als volgt.

In zijn klaagschrift heeft klager niet de hoogte van de declaraties van de notaris ter discussie willen stellen maar slechts het ontbreken van een urenspecificatie.

Anders dan de kamer is het hof daarom van oordeel dat klager wél kan worden ontvangen in dit klachtonderdeel.

Op grond van artikel 55 lid 1 Wet op het notarisambt is de notaris verplicht om “op verzoek van de client een rekening van zijn honorarium voor ambtelijke werkzaamheden en de overige aan de zaak verbonden kosten op te maken, waaruit duidelijk blijkt op welke wijze het in rekening gebrachte bedrag is berekend”. 

Vast is komen te staan dat bij de declaraties van 11, respectievelijk 18 maart 2021 de notaris geen urenregistratie heeft bijgesloten.

Op verzoek van klager heeft de notaris op 25 maart 2021 de genoemde urenspecificatie alsnog gegeven.

De notaris heeft daarmee voldaan aan zijn in de wet neergelegde verplichting.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat nietig testament over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de rechtsgeldigheid of uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme of over de wilsbekwaamheid van de erflater ten tijde van het opmaken van het testament, belt u dan gerust onze advocaat nietig testament op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de rechtsgeldigheid van een testament of over de nietigheid of vernietigbaarheid van een testament, bezoek dan onze website over het testament. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over ons advocatenkantoor? Klik dan hier.