Erfrecht. Uitleg van een testament. Onduidelijkheid. De betekenis van de uitlegregels in het licht van algemene uitlegprincipes en hun totstandkomingsgeschiedenis.

De Advocaat-Generaal bij het Parket bij de Hoge Raad heeft onlangs de regels met betrekking tot de uitleg van een testament in het licht van algemene uitlegprincipes en hun totstandkomingsgeschiedenis uitgebreid besproken en toegelicht.

Deze zaak betreft de uitleg van een uiterste wilsbeschikking.

IK bespreek uitvoerig de problematiek van de uitleg van uiterste wilsbeschikkingen.

Met betrekking tot de uitleg van uiterste wilsbeschikkingen bevat art. 4:46 BW uitdrukkelijke bepalingen.

De literatuur over het erfrecht pleegt die bepalingen centraal te stellen en bediscussieert hun toepassing.

Min of meer algemeen is de opvatting dat die toepassing niet onproblematisch is.

Erfrecht. Uitleg van een testament. De betekenis van de uitlegregels in het licht van algemene uitlegprincipes en hun totstandkomingsgeschiedenis.

De A-G overweegt als volgt.

Voor het gemak van de lezer citeer ik art. 4:46 BW:

‘1. Bij de uitlegging van een uiterste wilsbeschikking dient te worden gelet op de verhoudingen die de uiterste wil kennelijk wenst te regelen, en op de omstandigheden waaronder de uiterste wil is gemaakt.

2. Daden of verklaringen van de erflater buiten de uiterste wil mogen slechts dan voor uitlegging van een beschikking worden gebruikt, indien deze zonder die daden of verklaringen geen duidelijke zin heeft.

3. Wanneer een erflater zich klaarblijkelijk in de aanduiding van een persoon of een goed heeft vergist, wordt de beschikking naar de bedoeling van de erflater ten uitvoer gebracht, indien deze bedoeling ondubbelzinnig met behulp van de uiterste wil of met andere gegevens kan worden vastgesteld.’

Het vertrekpunt van lid 1 is geheel in overeenstemming met wat in het voorgaande vanuit een algemener perspectief werd beredeneerd.

Omdat bij de uitleg van een uiterste wilsbeschikking een zorgvuldige vaststelling van de bedoeling van de erflater op de allereerste plaats staat, niet anders dan bij de uitleg van de aanwijzing van de begunstigde in het geval van een levensverzekering en ook de woorden van een uiterste wilsbeschikking op zichzelf nooit duidelijk zijn moet worden gelet op de verhoudingen die de uiterste wil wenst te regelen en op de omstandigheden waaronder de uiterste wil is gemaakt.

Dat in de verhoudingen en onder de omstandigheden zoals die ten tijde van het overlijden van de erflater zijn (geworden), de woorden van een uiterste wilsbeschikking iets wel of niet lijken te zeggen, is dus niet bepalend.

In plaats daarvan behoren wij ons de vraag te stellen welke verhoudingen de erflater met zijn uiterste wilsbeschikking op het oog heeft gehad (dezelfde zoals die naar de peildatum van zijn overlijden bestaan, dan wel andere?) en onder welke (overige) omstandigheden hij die uiterste wil heeft gemaakt.

Ons zo verplaatsend in de positie van de erflater ten tijde van het maken van de uiterste wil, geven wij aan de uiterste wilsbeschikking haar juiste betekenis.

Uit de wetsgeschiedenis volgt ondubbelzinnig dat niet vereist is dat de in lid 1 bedoelde verhoudingen die de wil wenst te regelen uit (de tekst van) de uiterste wil kenbaar zijn. 

Volgens wat hiervoor over de rol van de notaris is gezegd, verdient het weliswaar de voorkeur dat die verhoudingen met zoveel woorden worden benoemd, maar indien dit geheel of gedeeltelijk niet heeft plaatsgevonden, blijft staan dat het bij de uitleg van een uiterste wil aankomt op de bedoeling van de erflater.

Alles wat verhelderen kan welke de verhoudingen zijn die de erflater op het oog had, kan en mag te hulp worden geroepen.

Ik merk nog op dat mogelijk is dat de notaris van het bestaan van een bepaalde verhouding of omstandigheid geen kennis droeg en dat dit de redactie van het testament verklaart.

In een dergelijk geval is zeer wel toelaatbaar dat we de wil van de erflater zoals die in de tekst van het testament tot uitdrukking is gebracht, beter begrijpen dan de notaris dit destijds deed.

Bij de oplettende lezer rijst wellicht nog de vraag of het woordje ‘kennelijk’ zoals dat in lid 1 voorkomt (‘de verhoudingen die de uiterste wil kennelijk wenst te regelen’), mogelijk beperkend is bedoeld, in de zin dat een veronderstelde ‘duidelijke zin’ van de bewoordingen van de uiterste wil alleen in sprekende gevallen door een andere uitleg ter zijde mag worden gesteld. 

In verband met art. 932 BW (oud) sluit ik niet uit dat Meijers het oorspronkelijk zo heeft bedoeld, maar in zijn toelichting op art. 4.3.1.8 lees ik het niet.

Ook overigens vind ik er in de totstandkomingsgeschiedenis van de bepaling geen aanwijzing voor. Hoe dan ook, reeds in 1965 zei uw Raad dat ‘mede dient te worden gelet op de verhoudingen die de erflater bij de beschikking heeft willen regelen en op de omstandigheden waaronder deze is gemaakt’, dus de formulering van het ontwerp overnemend met weglating van het woordje ‘kennelijk’. 

Verder staat niet ter discussie dat in voorkomende gevallen met getuigenverklaringen mag worden bewezen wat de verhoudingen zijn die de erflater met zijn uiterste wil wenste te regelen en wat in dat verband toen de relevante omstandigheden waren. 

Ook daaraan staat het ‘kennelijk’ van lid 1 dus niet in de weg.

Kort en goed, gelet op art. 3:33 BW en het juiste vertrekpunt zoals verwoord in het eerste lid van art. 4:46 BW dat zonder enige beperking moet worden gelet op de verhoudingen die de erflater met zijn uiterste wil heeft willen regelen en de omstandigheden waaronder de uiterste wil is gemaakt, behoort in lid 2 naar huidige rechtsopvatting – die reeds in 1962 de opvatting was van de memorie van antwoord – niet meer te worden gelezen dan dat de wetgever niet heeft gewild dat posterieure verklaringen en gedragingen van de erflater in plaats van de uiterste wil worden geplaatst, wat er immers op neer zou komen dat een uiterste wil ook op andere wijze dan bij nieuwe uiterste wil kan worden herroepen.

Terecht achtte de wetgever iets dergelijks niet verenigbaar met het bestaan en de functie van de vormvoorschriften zoals die voor de totstandkoming van uiterste wilsbeschikkingen gelden. 

Wie zegt dat lid 2 dan beter gemist kan worden, omdat het op het verkeerde been zet, geef ik gelijk.

Het voorstel van de Commissie Erfrecht van de KNB om lid 2 te schrappen, is terecht.

Posterieure daden en verklaringen van de erflater mogen dus worden gebruikt bij de uitleg van zijn bedoeling zoals die ten tijde van het maken van de uiterste wil bestond, niet anders dan daden en verklaringen voorafgaand aan die uiterste wil.

Dit geldt niettegenstaande de letter van art. 4:46 lid 2 BW zonder enige beperking.

Wat velen in die bepaling nog lezen, namelijk dat daden en verklaringen van de erflater buiten de uiterste wil alleen in aanmerking komen nadat vooraf is vastgesteld dat de uiterste wil geen duidelijke zin heeft, is een misverstand.

Komt de rechter mede op grond van daden en verklaringen van de erflater uiteindelijk tot een bepaalde uitleg van diens uiterste wil, dan ligt daarin besloten dat die wil niet een andere in aanmerking komende ‘duidelijke zin’ heeft.

En omdat dit zo is, is de vraag naar de juiste duidelijke zin van een uiterste wil niet te beantwoorden met wegdenken van relevante daden en verklaringen van de erflater, ook niet in een eerste fase.

Wilt u de gehele conclusie bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat nietig testament over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de rechtsgeldigheid of uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme of over de wilsbekwaamheid van de erflater ten tijde van het opmaken van het testament, belt u dan gerust onze advocaat nietig testament op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de rechtsgeldigheid van een testament of over de nietigheid of vernietigbaarheid van een testament, bezoek dan onze website over het testament. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over ons advocatenkantoor? Klik dan hier.