Erfrecht. Vordering tot nietigverklaring huwelijk, vernietiging huwelijkse voorwaarden en vernietiging testament van overleden ouder. Wilsonbekwaamheid. Stelplicht. Bewijs.
De Rechtbank Rotterdam heeft onlangs uitspraak gedaan over de stelplicht en bewijslast bij de vaststelling van de wilsonbekwaamheid van de erflater.
Eisers vorderen primair verklaringen voor recht dat het testament, het huwelijk en de huwelijkse voorwaarden geen effect sorteren omdat de wil en verklaring van erflaatster niet overeenstemden en/of erflaatster niet in staat was haar wil te bepalen en/of openbaren.
Ter zitting hebben eisers verduidelijkt dat zij hiermee bedoelen een verklaring voor recht dat het testament en het huwelijk nietig en de huwelijkse voorwaarden vernietigbaar zijn wegens wilsonbekwaamheid van erflaatster.
Erfrecht. Vordering tot nietigverklaring huwelijk, vernietiging huwelijkse voorwaarden en vernietiging testament van overleden ouder. Wilsonbekwaamheid. Stelplicht. Bewijs.
De rechter oordeelt als volgt.
De rechtbank zal nu de formele verweren van gedaagde tegen het verzoek tot nietigverklaring van het huwelijk en tegen de (overige) primaire vorderingen van eisers bespreken, te beginnen met het verweer dat eisers geen belang hebben bij nietigverklaring van het huwelijk omdat het huwelijk al ontbonden is door overlijden.
Dit verweer faalt.
Ontbinding van het huwelijk hoeft niet aan een verzoek tot nietigverklaring in de weg te staan.
Dit volgt uit artikel 1:69 lid 1 BW.
Volgens dat artikel geldt de beperking dat nietigverklaring alleen kan worden verzocht zolang het huwelijk niet is ontbonden uitsluitend voor het openbaar ministerie.
Voor bloedverwanten in de rechte lijn van een der echtgenoten, zoals eisers, geldt die beperking niet.
Eisers hebben belang bij nietigverklaring van het huwelijk omdat het huwelijk van invloed is op de omvang van de nalatenschap van erflaatster (hierna: de nalatenschap).
Indien het huwelijk nietig wordt verklaard, moet de nalatenschap namelijk worden afgewikkeld met inachtneming van de samenlevingsovereenkomst, en indien het huwelijk in stand blijft moet worden afgewikkeld, met inachtneming van de huwelijkse voorwaarden of, indien die vernietigd worden, met inachtneming van artikel 1:94 BW.
Ook het verweer dat eisers als schuldeisers van de nalatenschap niet het recht hebben om een beroep te doen op de vernietigbaarheid van de huwelijkse voorwaarden, althans daarbij geen (rechtens te respecteren) belang hebben, faalt.
De omvang van de nalatenschap (en dus de waarde van de vordering van eisers op de nalatenschap) wordt mede bepaald door de huwelijkse voorwaarden.
Daarmee is het belang van eisers gegeven.
Daarmee is ook gegeven dat eisers bij de huwelijkse voorwaarden onmiddellijk betrokken personen zijn als bedoeld in artikel 3:302 BW en dat zij dus gerechtigd zijn een verklaring voor recht te vorderen omtrent de vernietigbaarheid van de huwelijkse voorwaarden.
De rechtbank komt nu toe aan de inhoudelijke beoordeling van het verzoek tot nietigverklaring van het huwelijk en de (overige) primaire vorderingen van eisers.
Eisers onderbouwen dat verzoek en die vorderingen als volgt.
Erflaatster had een agressieve hersentumor die haar taal- en spraakvermogen aantastte.
Erflaatster was niet meer in staat zich te uiten.
Zij sprak in raadselen. In april 2021 was de communicatie al zeer beperkt.
Erflaatster kon slechts knikken, waarbij niet duidelijk was of zij begreep wat er gaande was en wat zij met haar ‘knik’ communiceerde, laat staan dat zij in staat was om ingewikkelde juridische materie te overzien en te begrijpen.
Erflaatster heeft altijd eerder in de relatie met gedaagde aangegeven dat zij geen behoefte had om te huwen.
Er is geen reden waarom erflaatster ineens zou willen huwen en huwelijkse voorwaarden zou willen doen opstellen.
Erflaatster had ook een goede band met eisers.
Er is geen enkele reden waarom zij eisers ineens zou willen onterven ten gunste van gedaagde.
Gedaagde erkent dat het taal- en spraakvermogen van erflaatster vanaf april 2021 was aangetast als gevolg van de tumor, waardoor zij op sommige momenten de juiste woorden niet kon vinden.
Gedaagde betwist echter dat erflaatster niet in staat was haar wil te bepalen.
Volgens gedaagde waren de cognitieve vermogens van erflaatster niet aangetast en kon zij gesprekken voeren.
Gedaagde onderbouwt zijn betwisting verder als volgt.
Erflaatster heeft voorafgaand aan haar ziekte bij herhaling aangegeven en er blijk van gegeven in het huwelijk te willen treden, eisers hebben de huwelijksakte als getuigen ondertekend, eisers zijn door het testament niet benadeeld in vergelijking met de situatie die geldt onder het wettelijk erfrecht, en de huwelijkse voorwaarden en het testament hebben geen materiële wijziging in de bestaande situatie gebracht, gelet op het samenlevingscontract dat partijen in 2018 hadden getekend en het testament dat erflaatster in 2018 had gemaakt.
De rechtbank overweegt als volgt.
Ingevolge artikel 3:33 BW vereist iedere rechtshandeling een op rechtsgevolg gerichte wil.
Die wil wordt geacht te ontbreken indien sprake is van een stoornis die een redelijke waardering der bij de handeling betrokken belangen belet (artikel 3:34 BW).
Omtrent het huwelijk in het bijzonder bepaalt artikel 1:32 BW dat het niet mag worden aangegaan wanneer de geestesvermogens van een partij zodanig zijn gestoord dat deze niet in staat is haar wil te bepalen of de betekenis van haar verklaring te begrijpen.
Het komt er dus op neer dat voor de geldigheid van het huwelijk, het testament en de huwelijkse voorwaarden nodig is dat erflaatster in staat was haar wil te bepalen, dat zij wilsbekwaam was.
Als dat niet het geval was, dan zijn het huwelijk en het testament nietig en zijn de huwelijkse voorwaarden vernietigbaar.
Omdat gedaagde gemotiveerd betwist dat erflaatster wilsonbekwaam was, ligt het op de weg van eisers om met concrete feiten te onderbouwen dat erflaatster niet in staat was haar wil te bepalen ten aanzien van het huwelijk, de huwelijkse voorwaarden en het testament. Dit volgt uit artikel 150 Rv.
Eisers hebben ter onderbouwing van hun vordering en hun stelling dat erflaatster aan het einde van haar leven wilsonbekwaam was diverse WhatsApp-berichten van erflaatster overgelegd.
Sommige van die berichten zijn niet of moeilijk te begrijpen.
Hieruit blijkt volgens eisers dat erflaatster verward was en dus haar wil niet kon bepalen.
Naar het oordeel van de rechtbank rechtvaardigen de overgelegde WhatsApp-berichten echter niet die conclusie.
Vaststaat dat het taal- en spraakvermogen van erflaatster aan het einde van haar leven was aangetast.
Dat erflaatster soms onbegrijpelijke berichten verstuurde, hoeft dus niet te betekenen dat zij verward was en haar wil niet kon bepalen.
De overgelegde WhatsApp-berichten lijken eerder de conclusie te rechtvaardigen dat eiseres niet verward was, maar zich soms verwarrend uitte.
Uit sommige van de overgelegde berichten blijkt namelijk dat erflaatster zich ervan bewust was dat zij mogelijk niet goed te begrijpen was, en zij wisselde onbegrijpelijke WhatsApp-berichten af met normale WhatsApp-berichten.
Uit de door eisers overgelegde WhatsApp-berichten blijkt dus niet dat erflaatster wilsonbekwaam was.
Eisers onderbouwen hun vordering verder door erop te wijzen dat erflaatster voorafgaand aan haar ziekte heeft aangegeven niet te willen trouwen.
Ter zitting is echter gebleken dat gedaagde erflaatster al op 19 december 2020, ruim voordat erflaatster ziek werd, ten huwelijk heeft gevraagd.
Erflaatster heeft dat huwelijksaanzoek aanvaard.
De geplande huwelijksdatum was 18 december 2021.
Op 20 maart 2021 heeft erflaatster een trouwjurk gekocht en op 16 mei 2021, een maand nadat bij haar de hersentumor werd geconstateerd, zijn de uitnodigingen voor het huwelijk verstuurd.
Begin mei 2021 besloten erflaatster en gedaagde om het huwelijk te vervroegen naar 12 juni 2021 en op 16 mei 2021 zijn nieuwe uitnodigingen met de nieuwe huwelijksdatum verstuurd.
Op 30 mei en 3 juni 2021 heeft erflaatster haar trouwjurk gepast.
Vervolgens is op 10 juni 2021 besloten om nog diezelfde dag te trouwen.
Op 14 juni 2021 is erflaatster overleden.
Uit deze feiten blijkt dat er geen sprake van is dat erflaatster vóór haar ziekte niet met gedaagde wilde trouwen.
Deze stelling is onjuist, of beter gezegd onwaar gebleken en kan dus niet dienen ter onderbouwing van de vordering van eisers.
Eisers stellen ook dat erflaatster een goede band met hen had en dat er dus geen reden was waarom zij hen zou willen onterven.
Eisers miskennen daarbij dat zij door het testament een grotere vordering op de nalatenschap verkrijgen dan zij zonder testament zouden hebben verkregen.
Zonder testament zouden eisers als erfgenamen een vordering ter waarde van hun erfdeel op de nalatenschap verkregen hebben (artikel 4:13 lid 3 BW).
Dat zou een vordering ter hoogte van een/derde van de waarde van nalatenschap zijn.
Door het testament verkrijgen eisers als legatarissen een hogere vordering, namelijk een vordering ter hoogte van de helft van de waarde van de nalatenschap, op de nalatenschap.
Erflaatster heeft eisers dus, in vergelijking met het wettelijk erfrecht, financieel bevoordeeld en zij heeft gedaagde financieel benadeeld.
Voorts blijkt uit de e-mail van de notaris dat het eerdere testament van erflaatster, opgemaakt in 2018, eenzelfde regeling bevatte.
De aard van het testament is dus geen indicatie dat erflaatster wilsonbekwaam was en kan daarom niet dienen ter onderbouwing van de vordering van eisers.
Naast hetgeen hierboven is besproken, hebben eisers geen feiten gesteld waaruit zou kunnen blijken dat erflaatster wilsonbekwaam was.
Daar staat het volgende tegenover.
De beslissing om te trouwen was geen impulsieve beslissing en was een bestendiging van een jarenlange en met het huwelijk verwante relatie.
Het testament wijkt niet wezenlijk af van het eerdere testament van erflaatster en houdt geen benadeling in van eisers ten opzichte van het wettelijk erfrecht.
De huwelijkse voorwaarden wijken niet wezenlijk af van de samenlevingsovereenkomst (in beide gevallen wordt uitgegaan van gescheiden vermogens).
De waarnemend notaris bij wie de akte van huwelijkse voorwaarden en de testamenten van erflaatster en gedaagde zijn gepasseerd, heeft niet getwijfeld aan de wilsbekwaamheid van erflaatster.
In haar brief van 9 september 2022 geeft zij aan dat zij de aktes met erflaatster en gedaagde heeft besproken, dat erflaatster weliswaar moeite had met spreken maar dat zij haar wil kon uiten, onder meer door ja of nee te zeggen, en dat erflaatster en gedaagde bevestigd hebben dat de aktes hun bedoeling weergaven.
Ook de beide ambtenaren van de burgerlijke stand voor wie het huwelijk is voltrokken, hebben kennelijk niet getwijfeld aan de wilsbekwaamheid van erflaatster.
Het voorgaande leidt tot de slotsom dat eisers, mede gelet op de gemotiveerde betwisting door gedaagde, hun stelling dat erflaatster ten tijde van het tekenen van het testament en de huwelijkse voorwaarden en het aangaan van het huwelijk wilsonbekwaam was, onvoldoende hebben onderbouwd.
Zij hebben aldus niet aan hun stelplicht ingevolge artikel 150 Rv. voldaan, zodat aan bewijslevering niet wordt toegekomen.
Dit betekent dat het huwelijk en het testament niet nietig zijn en de huwelijkse voorwaarden niet vernietigbaar zijn wegens wilsonbekwaamheid van erflaatster.
De rechtbank zal daarom bij vonnis de vorderingen strekkende tot verkrijging van een verklaring voor recht dat het testament nietig is en de huwelijkse voorwaarden vernietigbaar zijn, afwijzen, en zal bij beschikking het verzoek tot nietigverklaring van het huwelijk afwijzen.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat nietig testament over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de rechtsgeldigheid of uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme of over de wilsbekwaamheid van de erflater ten tijde van het opmaken van het testament, belt u dan gerust onze advocaat nietig testament op 020-3980150.
Wilt u meer weten over de rechtsgeldigheid van een testament of over de nietigheid of vernietigbaarheid van een testament, bezoek dan onze website over het testament. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over ons advocatenkantoor? Klik dan hier.