Erfrecht. Uitleg van een testament. Erflater heeft in zijn testament zijn ex-partner tot erfgenaam benoemd. Verval van begunstiging? Is nieuwe partner van erflater erfgenaam?
De Rechtbank Rotterdam heeft onlangs uitspraak gedaan over de uitleg van een testament.
A stelt dat het testament van erflater alleen bedoeld is voor de situatie dat persoon G nog de partner is van erflater.
B c.s. betwisten dit, want volgens hen zijn de erfstellingen uit het testament ten behoeve van hunzelf nog wel geldig en was het niet de bedoeling van erflater dat die erfstellingen met het verbreken van de relatie met persoon G ook zouden vervallen.
Partijen verschillen dus van mening over de vraag hoe het testament moet worden uitgelegd.
Erfrecht. Uitleg van een testament. Erflater heeft in zijn testament zijn ex-partner tot erfgenaam benoemd. Verval van begunstiging? Is de nieuwe partner van erflater erfgenaam?
De rechter oordeelt als volgt.
De rechtbank stelt voorop dat woorden in een testament in taalkundige zin op het eerste gezicht duidelijk kunnen zijn, maar dat bij de beantwoording van de vraag of de bewoordingen van de uiterste wilsbeschikking duidelijk zijn, moet worden gelet op de verhoudingen die de uiterste wil kennelijk wil regelen en op de omstandigheden waaronder de uiterste wil is gemaakt.
Volgens de Hoge Raad kunnen bij het vaststellen van de omstandigheden waaronder de uiterste wil is gemaakt, feiten en omstandigheden van na het opmaken van de uiterste wil van belang zijn, omdat daaraan bewijs kan worden ontleend van een omstandigheid waaronder de uiterste wil is gemaakt.
Ten tijde van het opmaken van de uiterste wil bij de erflater bestaande verwachtingen over toekomstige gebeurtenissen zullen in aanmerking kunnen komen als omstandigheid waaronder de uiterste wil is gemaakt.
Verwachtingen van de erflater over de toekomst kunnen ook van belang zijn bij het vaststellen van de verhoudingen die de erflater met de uiterste wil kennelijk wenst te regelen.
Voor de vaststelling hiervan kan mede acht geslagen kan worden op verklaringen van getuigen omtrent hetgeen de erflater heeft beoogd.
Doen zich na het opmaken van de uiterste wil feiten en omstandigheden voor waardoor de feitelijke verhoudingen niet langer aansluiten bij hetgeen de erflater kennelijk wenste te regelen, dan kan volgens de Hoge Raad de uiterste wil zo worden uitgelegd dat de desbetreffende beschikking alleen gold voor de situatie die bestond voordat de bedoelde feiten en omstandigheden zich hadden voorgedaan.
Voor een zodanige uitleg is niet vereist dat de erflater bij het opmaken van de uiterste wil op de bedoelde feiten en omstandigheden is vooruitgelopen.
Ten tijde van het opstellen van het testament was erflater nog niet gehuwd met persoon G en hadden zij ook nog geen kinderen.
Zonder testament zou G niets erven.
Kennelijk beoogde erflater dat G en zijn (toekomstige) kinderen tezamen zijn erfgenamen waren.
De begunstiging ten aanzien van G is vervallen, ofwel door het verbreken van de relatie, ofwel door de verwerping door G.
Als uitgegaan wordt van de tekst van het testament van erflater, dan zijn alleen persoon B c.s. zijn erfgenamen.
De vraag die nu voor ligt is of het bij het opstellen van het testament de bedoeling van erflater was dat bij het vervallen van de begunstiging van G de nieuwe partner/echtgenote mede-erfgenaam zou worden.
De rechtbank is van oordeel dat in het testament wel aanwijzingen staan dat erflater rekening heeft gehouden met toekomstige omstandigheden, want in het testament heeft erflater niet alleen persoon G tot zijn erfgenaam benoemd, maar ook zijn kinderen, en in het testament is voorzien in erfstellingen voor het geval de erfstellingen ten opzichte van G en zijn kinderen geen effect zouden sorteren.
A stelt desondanks dat het bij het opstellen van het testament de bedoeling van erflater was dat bij het vervallen van de begunstiging van persoon G de nieuwe partner/echtgenote mede-erfgenaam zou worden.
Dit volgt volgens persoon A uit het feit dat erflater haar verzorgd wilde achter laten.
Omdat persoon B c.s. dit gemotiveerd hebben betwist, zal de rechtbank A, overeenkomstig haar bewijsopdracht en omdat zij zich beroept op het rechtsgevolg van haar stelling, toe laten om haar stelling te bewijzen.
De rechtbank merkt hierbij wel het volgende op.
Het is aan A om te bewijzen dat uit verklaringen of gedragingen van erflater van na het testament is op te maken dat hetgeen hij toen met het testament bedoelde erop gericht was dat bij het wegvallen van G als partner zijn nieuwe partner/echtgenote mede-erfgenaam zou worden en dat dus niet alleen zijn kinderen zijn erfgenaam zouden zijn.
Het gaat er niet om of erflater vanwege de gebeurtenissen in zijn leven – zoals zijn huwelijk met persoon A – iets anders is gaan willen dan hetgeen in het testament is vastgelegd.
Als dat zo zou zijn, dan had het op de weg van erflater gelegen om een ander testament op te stellen of zijn testament te herroepen.
Overigens is niet uit te sluiten dat erflater met zijn woorden dat hij persoon A verzorgd heeft willen achterlaten niet gedoeld heeft op de situatie dat zij erfgenaam is.
Ook op andere manieren kan erflater A immers verzorgd achterlaten.
A krijgt dus een bewijsopdracht.
Als A slaagt in de bewijsopdracht, dan zal vervolgens beoordeeld moeten worden of dit ertoe leidt dat het testament geen effect meer sorteert en sprake is van de wettelijke verdeling (primaire vordering) of dat het testament zo moet worden aangevuld dat onder partner niet alleen moet worden gelezen G, maar ook de toekomstige partner van erflater.
De rechtbank is op dit moment voornemens om te oordelen dat het slagen in de bewijsopdracht er niet toe leidt dat het testament geen effect meer sorteert, maar dat dit ertoe leidt dat het testament zo moet worden uitgelegd/gelezen dat het de bedoeling was van erflater dat bij het vervallen van de begunstiging van persoon G, een nieuwe partner/echtgenote haar plaats inneemt.
De meer subsidiair gevorderde verklaring voor recht zal dan, eventueel in aangepaste vorm, worden toegewezen.
Een andere uitleg is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat nietig testament over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de rechtsgeldigheid of uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme of over de wilsbekwaamheid van de erflater ten tijde van het opmaken van het testament, belt u dan gerust onze advocaat nietig testament op 020-3980150.
Wilt u meer weten over de rechtsgeldigheid van een testament of over de nietigheid of vernietigbaarheid van een testament, bezoek dan onze website over het testament. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over ons advocatenkantoor? Klik dan hier.