Erfrecht. Uitleg van een testament. Wie zijn de erfgenamen? Zijn dat alleen de kinderen of ook de vrouw waarmee erflater is hertrouwd? Verval van beschikking in testament?

De Rechtbank Noord-Holland heeft onlangs uitspraak gedaan over de uitleg van een testament bij het hertrouwen van de erflater.

In deze zaak gaat het vooral om (de uitleg van) een testament.

De vraag is wie de erfgenamen zijn.

Zijn dat alleen de kinderen van erflater of ook de vrouw waarmee erflater is hertrouwd?

In dit vonnis oordeelt de rechtbank dat alleen de kinderen de erfgenamen zijn.

Erfrecht. Uitleg van een testament. Wie zijn de erfgenamen? Zijn dat alleen de kinderen of is dat ook de vrouw waarmee erflater is hertrouwd? Verval van een beschikking in een testament?

De rechter oordeelt als volgt.

Deze zaak draait om de vraag wie de erfgenamen zijn van erflater.

De rechtbank geeft eiser gelijk dat alleen hij, en gedaagden dit zijn.

De rechtbank is het dus niet met gedaagde eens dat ook zij erfgenaam is.

Hierna legt de rechtbank uit waarom.

In artikel 4:52 BW staat dat een beschikking, getroffen ten voordele van degene met wie de erflater op het tijdstip van het maken van het testament getrouwd was (of al trouwbeloften had gewisseld), vervalt door een daarna ingetreden echtscheiding.

Dit is alleen anders als uit het testament zelf het tegendeel is af te leiden.

Voordat dit wetsartikel op 1 januari 2003 (onmiddellijk) in werking trad, was dit al geruime tijd bestaande jurisprudentie.

In het testament worden de kinderen van erflater en de (toenmalige) echtgenote van erflater

(moeder) als erfgenamen genoemd, de kinderen voor het deel van hun legitieme en moeder voor het resterende deel.

Uit het testament is niet af te leiden dat het testament voor moeder blijft gelden als erflater en moeder zouden gaan scheiden.

Door de echtscheiding van erflater en moeder in 2003 is de beschikking, getroffen in het voordeel van moeder, dus op grond van artikel 4:52 BW vervallen.

De rechtbank is het niet met gedaagde eens dat het hele testament, dus ook de beschikking in het voordeel van de kinderen, door de echtscheiding is komen te vervallen.

Dit vindt geen steun in artikel 4:52 BW.

Alleen de beschikking in het voordeel van degene met wie de erflater getrouwd was, vervalt op grond van artikel 4:52 BW.

Gedaagde heeft nog gesteld, met een beroep op artikel 4:46 BW, dat het testament moet worden uitgelegd.

Volgens gedaagde is de conclusie van die uitleg dat zij erfgenaam is omdat zij de echtgenote van erflater is geworden.

Gedaagde wijst er in dit verband op dat het hier gaat om een langstlevende testament.

Gedaagde betoogt dat het de bedoeling van erflater was om zijn echtgenote als langstlevende verzorgd achter te gelaten (zonder opeisbare aanspraken van de kinderen), waarbij voor erflater niet relevant zou zijn geweest wie de echtgenote (dan) is.

Erflater verkeerde volgens gedaagde daarom in de veronderstelling dat hij zijn testament niet hoefde te wijzigen om gedaagde verzorgd achter te laten.

Dit is volgens gedaagde af te leiden uit het feit dat zij en erflater in gemeenschap van goederen zijn getrouwd en dat tijdens hun huwelijk de onverdeelde helft van de woning op haar naam is gezet.

De rechtbank vindt, net als eiser, dat de bewoordingen van de erfstelling in het testament duidelijk zijn. In het testament staat: “Ik benoem tot mijn erfgenamen mijn kinderen ieder voor een deel gelijk aan ieders legitieme portie, alsmede mijn echtgenote, mevrouw A (moeder) voor het resterend gedeelte.”

De echtgenote die erflater tot zijn erfgenaam heeft benoemd, wordt hier met naam en toenaam genoemd.

Er kan dan ook geen misverstand over bestaan dat met “mijn echtgenote” (moeder) wordt bedoeld.

De rechtbank volgt gedaagde niet in haar uitleg dat met “mijn echtgenote” ook is bedoeld de eventueel nieuwe echtgenote van erflater.

Erflater heeft voor dit testament met ouderlijke boedelverdeling gekozen, zo blijkt ook uit artikel 6 van het testament, omdat hij zijn echtgenote verzorgd wilde achterlaten en haar in staat wilde stellen hun leefwijze zoveel mogelijk voort te zetten.

Toen het testament werd opgemaakt was erflater getrouwd met de moeder van zijn kinderen.

Er kan dan ook niet zonder meer van uit worden gegaan dat erflater de erfrechtelijke aanspraken van zijn kinderen en eventueel nieuwe echtgenote (ook in hun onderlinge verhouding) op dezelfde manier heeft willen regelen.

Dat erflater in de veronderstelling verkeerde dat het testament ook gold ten opzichte van gedaagde (omdat gedaagde zijn nieuwe echtgenote was) vindt de rechtbank in ieder geval nergens uit blijken.

Gedaagde heeft dit ter zitting desgevraagd ook niet nader kunnen toelichten.

Integendeel, gedaagde heeft ter zitting verklaard dat zij het met erflater nooit over zijn testament heeft gehad.

Hoe gedaagde erbij komt dat erflater in de veronderstelling verkeerde dat hij gedaagde in het testament als erfgenaam had aangewezen, is daarmee onduidelijk gebleven.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat nietig testament over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de rechtsgeldigheid of uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme of over de wilsbekwaamheid van de erflater ten tijde van het opmaken van het testament, belt u dan gerust onze advocaat nietig testament op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de rechtsgeldigheid van een testament of over de nietigheid of vernietigbaarheid van een testament, bezoek dan onze website over het testament. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over ons advocatenkantoor? Klik dan hier.